Mail de redactieMail de redactie

Snel naar

Rondom het klaslokaal

Dit voorwoord schrijf ik in de trein, een grijze...

USAgenda 2017-2018

Een overzicht van de leerlingactiviteiten dit...

Nieuw redactielid

De huidige leerling-redactieleden doen dit jaar...

Ideeën welkom bij de medezeggenschapsraad

In de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad...

Genomineerde roman van docente Nynke Smits

Dit jaar verscheen bij Primavera Pers de historische...

Plusklassen 2016-2017

Afgelopen jaar konden leerlingen in de onderbouw...

Romereis twee-punt-nul

De Romereis is al jaren onderdeel van het Stedelijk...

Jodelende dodo’s op Socrates

Klas 1A en 1C vielen dit jaar in de prijzen tijdens...

Interview raad van toezicht

De beide rectoren van Athena en Socrates vormen...

Toetsen

Een wervelwind van brugklassers waait door de...

-- Oproepen en mededelingen --

 

 

 

‘Eigenlijk zijn wij Europeanen de vreemde eend in de bijt’

Gepubliceerd op 17-06-2015

Joeri van der Wees, eindexamen 2004

 

Op je zestiende al weten wat je wilt en vóór je dertigste al in vier landen en op twee continenten gewoond en gewerkt hebben in het vak dat je altijd wilde. Waar je niet rijk van wordt, maar wel heel gelukkig. 

 

Dat is tot nu toe de loopbaan van Joeri van der Wees die direct na het gymnasium startte op de Hogere Hotelschool Den Haag. “Ouders zouden hun kinderen niet moeten pushen om dokter of advocaat te worden, zelfs niet om te gaan studeren. Laat hen beslissen, iedereen moet er toch zelf achter komen waar hij of zij gelukkig van wordt.”

 

Denkend aan het Stedelijk

“Ik werd verliefd op het gebouw toen ik als twaalfjarige de school binnenliep. De trap, de balustrade, de zodiac in de hal. Zo indrukwekkend. Voor mij gaf het gebouw de doorslag om naar het gymnasium te gaan. Omdat het zoveel cultuur en rust uitstraalde.”

 

Studiekeuze

“Ik wist al vrij jong dat ik de hotellerie in wilde, in de zesde klas koos ik definitief voor de Hogere Hotelschool Den Haag. Ik zat bij een van de eerste lichtingen van de dependance in Amsterdam. Nee, ik kan me niet herinneren dat ik over die keuze met een mentor gesproken heb. Ik wilde dit gewoon. Punt.”

 

Hotelschool met gymnasium

“Hotelschool, daar word je als mens beter van. En met gymnasium als basis heb je ook een bredere wereldvisie. Je hebt leren nadenken, het onderwijs opent je ogen, ook de vakken waar je later niet zoveel meer mee doet. Ik merk nu dat je met die vooropleiding dingen sneller begrijpt, je hebt meer overzicht. En dus maak je sneller promotie. Ik ben een van de jongsten op het niveau waar ik nu zit.”

 

Buitenland

“Tijdens de Hotelschool wordt verwacht dat je internationale stages loopt, mijn eerste stage was in Edinburgh. Dan word je in een half jaar gelijk drie jaar ouder en heel zelfstandig. Direct na mijn afstuderen ben ik samen met mijn vriendin verhuisd naar Londen, heb daar twee jaar gewerkt bij Hyatt Regency, in hun corporate trainee programme. Moeilijk om toegelaten te worden, maar een echte aanrader als je hotelschool doet, het is een kickstart voor je carrière. Voordeel van een internationale hotelketen is dat je transfers naar het buitenland kan maken. Na Londen heb ik anderhalf jaar bij Grand Hyatt Hongkong gewerkt en daarna bij het Mihiri island Resort op de Malediven. In de hotellerie kun je al werkend letterlijk de wereld zien. Vanuit Hongkong en de Malediven maakten we bijvoorbeeld tripjes naar China, Sri Lanka, Dubai, Singapore en Thailand.”

 

Streetsmart

“Veel scholieren en studenten zijn booksmart en dat is goed want daarmee haal je examens. Maar streetsmart zijn ze niet en dat is toch essentieel voor je ontwikkeling. Daarom ben ik een grote voorstander van wonen en werken in het buitenland, dat kan ik iedereen aanbevelen. Stap uit je comfortzone en praat met mensen daar, kijk hoe zij dingen doen, interesseer je voor hun cultuur. Dan kom je erachter dat wij Europeanen eigenlijk de vreemde eend in de bijt zijn.”

 

Food & Beverage

“Ik ben nu food & beverage manager in het Amsterdam American Hotel. Ik stuur een team van 45 mensen aan – managers, supervisors, medewerkers, leerlingen, stagiairs – die werken in een van de f&b-outlets in het hotel, zoals de bar en het restaurant. Ik geef leiding aan de hele divisie, houd me bezig met zaken als personeelsbeleid, financieel beleid, budgetbewaking, purchasing, VIP-gasten ontvangen en grote evenementen. Geen dag is hetzelfde, veel afspraken, veel telefoontjes, je bent zoveel mogelijk proactief maar elke dag zijn er toch last minute dingen. Ik zit weinig achter mijn bureau, ben veel op de werkvloer. Als ik door het restaurant loop en een gast zie zwaaien terwijl er even geen ober is, spring ik zelf bij. Is niet mijn werk, maar de gast gaat altijd voor.”

 

Waar vinden we je over 10 jaar?

“Ik ben verschrikkelijk ambitieus, maar inmiddels weet ik dat je prioriteiten kunnen veranderen en dat je je ambities daaraan aanpast. Als je vijf jaar geleden had gezegd dat ik nu weer in Nederland zou wonen, had ik je voor gek verklaard. Toch voelt dat nu goed, we hebben hier een huis gekocht, gaan trouwen, misschien een kindje? Ik wil nog minimaal twee jaar dit werk blijven doen en dan de volgende stap maken: general manager van een hotel en daarna van meerdere hotels. Die ervaring heb ik nodig voor wat ik wel tot mijn pensioen zou willen doen: werken bij een bedrijf dat zich bezighoudt met asset management ofwel aankopen en exploiteren van geschikte bouwprojecten voor hotels over de hele wereld. Een alternatief is COO worden van een grote internationale hotelketen. Dan ga je ook de hele wereld over, om te adviseren bij hotels waar het niet goed gaat. Heel uitdagend, want wat je doet is transparant. Succes of falen, het komt door jouw ingrepen.”

 

Dat klinkt wel als een uitgestippelde loopbaan.

“Ja, maar mijn ervaring is dat het ook heel anders kan lopen. Ik krijg nu regelmatig aanbiedingen of word gepolst over vacatures. Ik vraag me altijd af ‘is het goed voor mij’? Soms is het antwoord ‘nee, moet ik niet doen.’ Maar er kan altijd iets voorbijkomen dat wel goed voelt en dan zit je zomaar ergens anders dan je had gedacht.”

 

Interview en tekst: Carla van Elst